Zelf aardpen slaan
U kunt zelf een aardpen slaan. Dat is het eerlijke antwoord. Maar in de praktijk zien wij dat het probleem niet zit in het slaan zelf, maar in de vraag die daarna blijft hangen: werkt uw aarding ook echt zoals bedoeld en voldoet die aan wat uw installatie nodig heeft?
Daar gaat het vrijwel altijd mis. Wij komen regelmatig bij woningen waar een aardpen netjes in de grond zit, maar de installatie alsnog niet veilig geaard is. Dat merkt u pas bij een storing, bij uitbreiding zoals een laadpaal of zonnepanelen, of wanneer iemand het komt meten en de waarde niet klopt. Daarom raden wij het zelf uitvoeren af en nemen wij geen aansprakelijkheid voor situaties waarin dit op eigen initiatief wordt gedaan.
Mag u zelf een aardpen slaan?
U mag in uw eigen woning werkzaamheden uitvoeren aan uw installatie. Dat betekent alleen niet dat het automatisch voldoet aan de eisen waar uw installatie aan moet voldoen. De twijfel die wij in de praktijk horen gaat vaak over toestemming, maar de echte onzekerheid zit in verantwoordelijkheid. Op het moment dat er iets gebeurt, moet u kunnen aantonen dat de aarding correct functioneert.
Wij zien regelmatig dat mensen zelf een aardpen slaan tijdens een verbouwing of bij het vervangen van een groepenkast en er pas later achter komen dat de waarde niet klopt of dat de aansluiting niet goed is uitgevoerd. Dan moet het alsnog opnieuw, vaak met extra werk omdat de bestaande situatie eerst hersteld moet worden. Dat is precies het punt waarop zelf doen duurder wordt dan vooraf goed laten uitvoeren.
Wanneer een aardpen echt nodig is
Een aardpen wordt zelden geplaatst zonder reden. In vrijwel alle gevallen is er al iets veranderd in de installatie. Denk aan een nieuwe groepenkast, een overstap naar drie fasen, zonnepanelen of een laadpaal. Dat zijn momenten waarop de bestaande aarding ineens niet meer voldoende is of helemaal ontbreekt.
Bij oudere woningen zien wij vaak dat er helemaal geen aardpen aanwezig is of dat de aarding ooit wel is aangelegd, maar nooit is gecontroleerd of nog voldoet. Veel mensen gaan ervan uit dat het “er wel zal zitten”, maar zonder meting is dat een aanname. Dat zorgt voor onzekerheid en precies daar ontstaan discussies met installateurs, omdat het verschil tussen aanwezig en voldoende niet zichtbaar is.
Hoe diep moet een aardpen?
De vraag hoe diep een aardpen moet is begrijpelijk, maar in de praktijk niet leidend. De diepte zegt namelijk niets zonder de bijbehorende weerstand. Wij zien vaak dat iemand stopt zodra de pen niet verder wil of “diep genoeg voelt”, terwijl de aarding technisch nog niet voldoet.
Wat er dan gebeurt is dat de installatie wel verbonden lijkt, maar bij een fout of lekstroom niet goed reageert.
Aardlekschakelaars schakelen te laat of helemaal niet, en in sommige situaties kan er spanning op metalen delen blijven staan. Dat zijn geen zichtbare fouten, maar ze zijn er wel.
Hoe u weet of een aardpen goed werkt
Dit is het grootste pijnpunt uit de praktijk. U kunt niet zien of een aarding goed is. Meten is de enige manier om dat vast te stellen, en daar gaat het vaak mis. Een standaard multimeter geeft geen betrouwbaar beeld van de aardweerstand, terwijl dat juist de waarde is die bepaalt of het systeem veilig functioneert.
Wij krijgen regelmatig situaties waarin iemand zegt dat hij een aardpen heeft geslagen, maar niet weet of het goed is. Dat klopt, want zonder de juiste meetmethode kunt u dat niet zelf vaststellen. Dat is ook de reden dat er vaak wantrouwen ontstaat wanneer een installateur een andere waarde meet. Het verschil zit niet in mening, maar in meetmethode en apparatuur.
Wat gebeurt er bij een aardpen zelf slaan
Om een goed beeld te geven van de werkzaamheden, wordt het proces vaak als volgt uitgevoerd.
- Er wordt een put gegraven van ongeveer 30 cm.
- De aardpen wordt uitgepakt en de bescherming wordt verwijderd.
- De aardpen wordt met de onderkant, de scherpe kant, in de grond gestoken. Een hoek van ongeveer 10 tot 15 graden is aan te bevelen.
- Met een elektrische boorhamer wordt de aardpen geleidelijk de grond in geschoten.
- Als de aardpen voldoende diep is, wordt de volgende aardpen erop aangesloten.
- De kabel wordt gestript om verbinding te maken met de aarding-onderbreker.
- Twee klemmen worden aan het koperen gedeelte van de aardpen bevestigd.
- De aardingskabel wordt verbonden met de aarding-onderbreker.
- De spanning wordt nagemeten.
- Indien de weerstand niet hoger is dan 2 Ohm bij woningen wordt dit als goed beschouwd.
Wat hier ontbreekt en vaak onderschat wordt, is de controle op het eindresultaat. De handelingen zijn uitvoerbaar, maar de vraag of het resultaat klopt blijft zonder juiste meting onbeantwoord.
Waar het in de praktijk vaak misgaat bij zelf aardpen slaan
De problemen die wij tegenkomen zijn opvallend consistent. Mensen lopen vast zodra de bodem weerstand geeft, waardoor de pen niet diep genoeg komt. In andere gevallen staat de pen scheef of wordt een koppeling niet goed gemaakt, waardoor de effectieve diepte minder is dan gedacht. Het komt ook voor dat de aansluiting op de meterkast niet correct gebeurt, waardoor de aarding technisch aanwezig is maar niet functioneert zoals bedoeld.
Een ander terugkerend probleem is dat er geen rekening wordt gehouden met uitbreiding. Een aardpen die voldoende leek voor een basisinstallatie blijkt onvoldoende wanneer er later een laadpaal of zonnepanelen worden toegevoegd. Dan moet er alsnog worden uitgebreid, vaak op een moment dat alles al afgewerkt is.
Eén aardpen voor meerdere systemen
De vraag of u één aardpen kunt gebruiken voor uw hele woning, inclusief zonnepanelen of een laadpaal, komt vaak terug. Dat kan in sommige situaties, maar alleen als de aarding voldoende capaciteit heeft en correct is gekoppeld aan de rest van de installatie. In de praktijk wordt dit vaak onderschat, waardoor systemen worden gecombineerd zonder dat duidelijk is of de aarding dat aankan.
Dit is ook het moment waarop offertes van installateurs uiteenlopen. De één adviseert een extra aardpen, de ander niet, en zonder inzicht in de meting lijkt dat willekeurig. In werkelijkheid zit daar een technische onderbouwing achter die zonder meting niet zichtbaar is.
Wat u mist wanneer u het zelf uitvoert
Wat veel mensen pas achteraf merken, is dat het niet alleen om het slaan van de aardpen gaat. Het gaat om de complete keten van plaatsing, aansluiting en controle. Zonder meting weet u niet of de installatie veilig is. Zonder documentatie kunt u dat ook niet aantonen wanneer dat nodig is.
Bij schade, uitbreiding of controle wordt daar wel naar gekeken. Dat is het moment waarop de onzekerheid terugkomt en waarin vaak alsnog een vakpartij nodig is om de situatie te beoordelen en te corrigeren.
Kosten van een aardpen slaan
De kosten voor het laten slaan van een aardpen liggen in de praktijk meestal tussen de 300 en 450 euro inclusief materiaal en montage. Bij standaard omstandigheden komt u vaak uit rond de 330 euro voor een aardpen van zes meter die via de meterkast wordt aangesloten. Wanneer er meer diepte nodig is, ligt de meerprijs rond de 15 euro per extra strekkende meter.
Wat wij vaak zien is dat zelf doen in eerste instantie goedkoper lijkt, maar dat de bijkomende kosten worden onderschat. Denk aan het huren of aanschaffen van een zware boorhamer, het juiste materiaal, het herstellen van fouten of het alsnog laten uitvoeren van een meting. Zodra er iets niet klopt, bent u alsnog afhankelijk van een installateur en lopen de kosten op.
Wilt u uw meterkast verbinden aan een aardpen met een aardingsdraad en de juiste lengte en dikte laten berekenen, dan is het verstandig om vooraf inzicht te krijgen in de situatie. Wat zijn de exacte kosten en wat is de prijs per strekkende meter voor het plaatsen en slaan van een aardpen?
Vraag vrijblijvend een aardpen slaan offerte aan om direct te zien wat het in uw situatie kost en waar eventuele verschillen in zitten.
Waarom dit in de praktijk vaak alsnog bij ons eindigt
Wat wij dagelijks zien, is dat mensen beginnen met het idee dat het zelf wel lukt, maar vastlopen op de zekerheid. Niet omdat het slaan niet gaat, maar omdat ze niet kunnen bevestigen dat het goed is. Dat is precies het moment waarop wij worden ingeschakeld.
Wij zorgen ervoor dat de plaatsing klopt met de situatie, dat de meting daadwerkelijk wordt uitgevoerd en dat de aansluiting veilig is geïntegreerd in de installatie. Daarmee verdwijnt de onzekerheid die bij zelf uitvoeren blijft bestaan.
Zelf een aardpen slaan is technisch mogelijk, maar de veiligheid zit in de details die u niet ziet. De diepte, de aansluiting en vooral de meting bepalen of uw installatie echt veilig is. Zonder die zekerheid blijft het een aanname.
Wij zien in de praktijk dat dit regelmatig achteraf gecorrigeerd moet worden. Dat maakt het minder eenvoudig dan vooraf gedacht. Wilt u voorkomen dat u later moet herstellen wat nu wordt aangelegd, dan is het verstandig om dit vooraf goed te laten beoordelen en uitvoeren.
Vragen over zelf een aardpen slaan
Moet ik mijn aardpen laten meten nadat ik hem zelf heb geslagen?
Ja, zonder meting weet u niet of de aarding daadwerkelijk werkt. In de praktijk zien wij dat dit vaak wordt overgeslagen, terwijl juist daar de meeste fouten zitten. Een aardpen kan fysiek goed geplaatst lijken, maar alsnog een te hoge weerstand hebben. Zonder meting blijft het dus een aanname.
Kan een aardpen na verloop van tijd slechter worden?
Ja, dat gebeurt vaker dan mensen denken. De weerstand van de grond kan veranderen door droogte, corrosie of veranderingen in de bodem. Daardoor kan een aarding die ooit goed was, later niet meer voldoen. Dit is vooral relevant bij oudere woningen of installaties die nooit opnieuw zijn gecontroleerd.
Wat gebeurt er met mijn aarding bij blikseminslag of piekspanning?
Een aardpen helpt om spanning af te voeren, maar is geen volledige bescherming tegen blikseminslag. Als de aarding niet goed is uitgevoerd of onvoldoende capaciteit heeft, kan spanning alsnog schade veroorzaken aan apparatuur of installatieonderdelen. Dit is precies waarom een correcte en goed gemeten aarding zo belangrijk is.
Wanneer moet ik mijn aarding opnieuw laten beoordelen?
Dat is verstandig bij elke grote wijziging in uw installatie, zoals een nieuwe groepenkast, zonnepanelen of een laadpaal. Ook bij twijfel, storingen of een oudere woning zonder duidelijke documentatie is het verstandig om de aarding te laten controleren. Wij zien vaak dat problemen pas zichtbaar worden bij uitbreiding, niet bij normaal gebruik.


